woensdag 12 mei 2010

Woensdag 31 maart

De boot zou om 1:00 vertrekken, maar rond 2:00 konden we pas het hek door om naar de boot te rijden.
Daar konden we aansluiten in een lange rij vrachtwagens die stonden te wachten voor de scanner.
Toen wij aan de beurt waren was het rond 2:30 en konden we de kinderen uit bed halen omdat die niet in de camper mochten blijven i.v.m. de straling.
Toen de camper gescand was konden we door naar de boot.
Maar nog niet erop natuurlijk, want eerst moesten er nog tig vrachtwagens achteruit inrijden.
Ondanks de verbluffende stuurmanskunsten van de meeste chauffeurs duurde het tot 5:00voordat wij aan de beurt waren.
Wij dachten in de camper te blijven, maar dat mocht niet, dus de kinderen weer uit bed gehaald en mee naar boven genomen.
Boven lagen honderden mensen door en op elkaar in de gangpaden te slapen.
Achterin moesten we naar de douane, daar stond een enorme rij, maar wij werden er meteen tussenuit gepikt en waren meteen aan de beurt.
Dat was erg fijn met twee slaapdronken kids.
We moesten de paspoorten inleveren en konden die in Egypte weer ophalen, dat voelt nooit zo fijn, maar geen andere optie.
We hebben toen een plekje gezocht waar de kinderen weer verder zouden kunnen slapen.
Achter op het schip zat nog een restaurant dat niet gebruikt werd, dus daar zat niemand, het leek een prima plek het was er alleen erg koud doordat de airco op vriezen stond.
2Bar zag nog een trap naar boven waar een koord voor zat, Bar denkt altijd dat verboden toegang niet voor haar geldt, dus wij naar boven.
Dit was een soort vip ruimte met lekkere zachte banken waar (natuurlijk) niemand zat.
Ideaal! het was er ook iets minder koud, maar toch nog te koud om lekker te kunnen slapen, dus heb ik de gordijnen maar van de ramen gehaald om als dekens te dienen.
Het was 6:00 toen de boot ging varen, vijf uur later, maar niemand scheen er zich aan te storen.
Tegen tien uur was er land in zicht, maar de eerste poging om het gevaarte aan te meren mislukte om een voor ons onduidelijke reden, hij maakte een grote bocht en weer een uur later was het gelukt.
Toen we van de boot af waren zijn we op zoek gegaan naar het immigratie kantoor voor onze paspoorten.
Wonder boven wonder lagen onze paspoorten daar klaar.
Nog even naar de bank om de visa af te rekenen en klaar!, tenminste dat dacht ik.
We wilden op weg gaan en toen stond er een man te schreeuwen dat we nog ergens anders langs moesten.
Oeps, de auto moest nog ingeklaard worden etc. ik was er door de slapeloze nacht niet helemaal meer bij.
We werden opgevangen door een tourist police agent.
Ik was blij dat hij er was, want het werd een lokettendans waar Iran bij verbleekt.
De camper moest zelfs een nieuw (Egyptisch) kenteken!
Overal was het betalen, belasting hier, registratie kosten en verzekering daar etc.
Bij het tweede loket kreeg ik een map vol papieren waar bij elk volgend loket weer wat uitgehaald of afgestempeld werd.
Vervolgens moesten er op het terrein bij verschillende mannen die daar rondliepen nog handtekeningen gehaald worden.
Alle auto’s en bussen die daar stonden werden helemaal binnenstebuiten gekeerd en alle tassen, koffers en dozen moesten open.
Ik dacht; nu gaan we voor de bijl, dat wordt uren lang de camper uitpakken en weer inpakken.
Gelukkig bleef ons dit bespaard, want na drie keer een man in de camper (waarvan de laatste zo stonk dat Bar meteen demonstratief naar de wierrook greep en die aanstak, waardoor hij de hint begreep en weer snel buiten stond) konden we gaan.
Natuurlijk was er voordat we het haventerrein konden verlaten weer een controle door een mannetje die ging controleren of zijn collega’s hun werk goed hadden gedaan.
We zijn meteen naar Dahab gereden, we waren hier rond 15:00.
Daar hebben we drie mogelijke plekken uitgechecked en hebben gekozen voor een hotel waar we op de parkeerplaats konden staan naast het zwembad.
Het hotel ligt pal aan zee en was wel wat duurder dan de andere, maar hier waren heel veel kinderen en ze hadden ook een oppasservice.
Dit is erg handig voor als we willen duiken.

Donderdag 1 april

Niks gedaan, een beetje bijgekomen van de vorige dag.
Alleen een paar duikscholen gekeken voor de prijzen en een beetje Dahab verkend.
Het is een erg gezellig hippie achtig stadje met veel tentjes met kussens op de grond aan de zee, wel toeristisch, maar wat alternatiever.
Zazou heeft nog anderhalf uur paard gereden, en daadwerkelijk zelf gereden, stoer ding!

Vrijdag 2 april

Eerst wat bij het zwembad gezeten en na Ezra’s middag slaapje naar de andere kant van Dahab gelopen om te gaan snorkelen, want daar zou een mooie plek zijn (Lighthouse).
Dit klopte, het was echt een waanzinnig mooi rif met de meest kleurrijke vissen en koralen, hier in Dahab gaan we zeker duiken!
We zijn qua duiken natuurlijk verwend door Bonaire, maar hier is het zeker zo mooi, misschien wel mooier.
Daarna wat gegeten en nog een wetsuit voor Zazou gekocht (kost geen drol hier; € 12!) want ze krijgt het toch snel koud van het snorkelen.
Het ziet er leuk uit als wij gaan snorkelen.
Ezra zit in een bootje en Zazou zit als een schildpad bij mij op mijn rug met haar hoofd in het water.
Ze vindt het nog een beetje eng al die duizenden vissen om haar heen waaronder veel koraalduivels en andere “enge” vissen, maar ze wordt steeds meer ontspannen.

Zaterdag 3 april

Vanochtend een stuk naar het zuiden van Dahab gelopen om een snorkel/duikplek uit te checken (Islands).
Deze was super mooi, vol met prachtige koralen en vol met vissen.
Dit was tot nu toe de mooiste plek.
Daarna zijn weer terug gelopen naar het hotel en hebben we wat bij het zwembad gezeten en aan het eind van de dag zijn we nog even het dorp in gegaan.

Zondag 4 april

Vanochtend met een 4x4 naar Oasis gegaan, hier liggen een aantal snorkel/duikplekken bij elkaar.
Het was hier erg lekker, je kon lekker in zo’n bedoeïenen tent/restaurant gaan liggen en relaxen en snorkelen.
We vonden het hier onder water wel een beetje minder dan de plek van gisteren.
We zijn hier de hele dag geweest.

Maandag 5 april

Vanochtend met een 4x4 naar Blue hole gereden om te snorkelen.
Dit is een wereldberoemde duikplaats waar elk jaar minimaal vijf duikers omkomen, tof!
Blue hole is een enorm gat met een diameter van ongeveer zestig meter en een paar honderd meter diep.
Er zijn ook twee tunnels één op ongeveer zestig meter en de ander zit op honderdzoveel meter.
Het gaat mis omdat er duikers zijn die de eerste tunnel ingaan met te veel alcohol en te weinig ervaring (meestal Russen en Polen).
Wij vonden de Blue hole niet bijster interessant, dus wij gaan hier niet duiken.
Daarna zijn we op een kameel gestapt om naar Ras Abu Gallum te gaan, dit moest ook een hele mooie snorkelplek zijn, en is niet met een auto te bereiken.
Na anderhalf uur op smalle paden langs het water lopen waren we er.
De kameelrit was leuk, maar de snorkelplek vonden we niet echt de moeite waard.
De plekken die gewoon vlakbij en in het dorp liggen zijn allemaal vele malen mooier.
Daarna weer anderhalf uur terug op de kameel en weer met de 4x4 terug naar het dorp.
We hebben wat gegeten bij de Italiaan en daar kwamen we een Engelse vrouw tegen met een leuk meisje (Brooke) van vijf wat goed klikte met Zazou.

Dinsdag 6 april

We wilden graag duiken vandaag, maar het gaat hier in Egypte anders dan we gewend zijn, want er moet altijd een gids mee.
En hier bij het hotel gaat het nog een stapje verder, want je moet je opgeven en dan beslist de gids vlak voor vertrek waar er gedoken gaat worden en dan wordt de hele groep in de auto’s geladen en weg.
Hier hadden we niet zo veel zin in.
Ten eerste omdat we bij een bepaalde plek (islands) willen gaan duiken omdat we die het mooiste vinden en omdat we ook niet met tig man tegelijk willen duiken.
Daarom maar een dagje bij het zwembad gezeten en Zazou heeft de hele dag met Brooke gespeeld.
Ik heb bij een andere duikschool geregeld dat we morgen middag bij Islands gaan duiken, als de zee rustig genoeg is.
Aan het eind van de middag zijn we nog even het dorp in gegaan, maar Zazou was dood moe, dus zijn we niet lang gebleven en hebben een tosti gegeten in de camper en kon ze vroeg naar bed.

Woensdag 7 t/m 11 april

Nog wat relaxte dagen in Dahab, alleen nog een uitstapje gemaakt naar het Catharina klooster.
Dit hadden we achteraf beter kunnen laten, want dit was een enorm toeristencircus.
Het klooster zelf was groot, maar je kon alleen een kerkje en een museum bezoeken, waar je met busladingen doorheen geperst werd.
Daarna kon je nog de Sinaï berg beklimmen.
Op deze berg zou Mozes de tien geboden hebben ontvangen.
We zijn dit gaan doen, we waren er nu toch, maar het was een klim van zeven kilometer.
We wilden het onszelf wat gemakkelijker maken door een kameel te nemen.
We hadden twee kamelen gehuurd, maar met één van de twee drijvers was er de hele tijd gezeik.
Ze hadden hier hele kleine zadeltjes zodat je er eigenlijk niet met twee personen op kon (kunnen ze meer verdienen).
Bar zat met Ezra en ik met Zazou.
Het was echt te krap voor mij en Zazou, dus ik vroeg of ik eraf kon zodat Zazou alleen kon en ik zou gaan lopen.
De drijver van Bar wilde hun kameel ook laten gaan liggen, maar dat was nergens voor nodig, dus Bar vroeg of hij dit niet wilde doen.
Vervolgens liet hij de kameel met zoveel geweld naar beneden gaan dat Bar Ezra nauwelijks kon vasthouden en zelf met haar schaambot op het houten einde van het zadel klapte.
Bar natuurlijk pislink op die gast en Zazou, die dacht dat de drijver Bar had geslagen, rende meteen op die gast af en begon op hem in te slaan, fel ding!
Het was dus einde kameel.
De andere drijver was wel een aardige vent en die heeft snel een andere kameel voor Bar en Ezra geregeld.
De rest van de tocht naar boven verliep gladjes.
De kamelen konden niet tot helemaal boven, dus het laatste “stukje” moesten we zelf lopen.
Boven aangekomen was het één grote bende van afval, erg leuk op zo’n “heilige” plek.
We zijn hier even geweest en zijn toen snel weer naar beneden gelopen (ruim twee uur naar beneden klauteren) om voor het donker weer beneden te zijn.
Dit hadden we net gehaald.
Voor het laatste stukje naar de parkeerplaats wilde Bar graag een kameel voor haar en Zazou.
Dit weer geregeld, maar natuurlijk kwam er naar een paar honderd meter al weer gezeik, want hij wilde ineens niet meer tot aan de parkeerplaats, maar natuurlijk wilde hij wel de centen voor het hele stuk.
Egyptenaren zijn over het algemeen echt een kutvolk vinden wij, want ze zijn alleen aardig zolang ze denken dat ze wat aan je kunnen verdienen, en ze willen echt overal geld voor.
Zelfs als ze even de deur voor je openhouden als je met de buggy rijdt, of de weg vraagt, wat in ieder ander land gewoon beleefd is, bah!

Maandag 12 april

Vandaag naar Sharm Al Sheikh gereden om daar naar een aquapark te gaan.
Dit was een erg tof waterpark met de meest bizarre glijbanen.
Zazou was een echte bikkel, want ze heeft werkelijk elke glijbaan gehad, en er zaten er echt een paar bij die doodeng waren.
Aan het eind van de dag zijn we doorgereden naar Ras Mohammed, een natuur reservaat.
Het was al dicht dus we konden er zo inrijden zonder kaartje.
We gingen op zoek naar de campsite om daar te overnachten.
Toen we er bijna waren sprong er ineens vanuit het niets een schreeuwende soldaat voor de auto met zijn mitrailleur op ons gericht, aardige jongens die Egyptenaren.
We zijn toen maar achteruit gereden want hij bleef schreeuwen.
Er kwam toen een andere man aan die zei dat als we die gast wat geld gaven dat hij dan wel ophield met schreeuwen en we verder konden.
Dit werkte, dus even een bijdrage geleverd aan de corrupte zooi hier en we konden weer verder.
De campsite was een parkeerplaats bij een bedoeïenen tent, lekker rustig.

Dinsdag 13 april

We werden wakker aan een prachtig turqoise zee in het midden van niks.
Lekker voor de deur (van de camper) en de Bedoeïenen tent gesnorkeld met Ezra in het bootje, die na een prachtige ballade in het bootje in slaap viel.
Veel vissen gezien, het is hier heel ongerept omdat er op deze plek nog geen massatoerisme is.
Zazou had een heel mooi zand bouwwerk gemaakt met koraal wat broerlief het liefst met de grond gelijk maakte maar gelukkig hebben we dat weten te voorkomen anders zou het plotseling een stuk minder ongerept zijn geweest op deze idyllische plek!
S’middags met de camper het natuur park verkent.
We vonden het boven water qua flora en fauna super saai, geen flora en fauna te bekennen, alleen maar zand, maar de onderwaterwereld maakt een hoop goed.
Gesnorkeld met zijn tweetjes bij shark-bay wat echt heel prachtig was, enorme koraal formaties die een duizelingwekkende diepte in gingen, zwemmen tussen scholen met vis met de prachtigste kleuren. We waren er gelukkig laat zodat er geen bussen met tourgroepen meer waren zoals we van anderen hadden gehoord, we hadden dit stukje paradijs weer helemaal voor ons zelf.
Waar we het water in gingen was een vrij nauwe doorgang tussen twee bergen en omdat het park ging sluiten werden we door de politie het water uit gefloten alleen ging er toen iets mis. Ik (B) verloor Ed uit het zicht, we blijven met duiken en snorkelen uit veiligheidsoverwegingen en het gedeelde plezier altijd bij elkaar, maar waar ik ook keek geen Ed!
Niet echt tof maar ik dacht hij is vast snel teruggezwommen naar de kant door het fluitsignaal (hij is een stuk gevoeliger voor gezag dan ik) dus dan maar op eigen houtje!
Maar waar ik ook keek ik zag geen in/uitgang en kon me door al die zelfde rotsen niet meer oriënteren dus bleef ik maar zwemmen met de gedachte om de volgende rots zal het wel zijn.
Maar na een lange tijd, waarbij de golven ook steeds hoger werden en naar heel vaak Ed gebruld te hebben, (heeft geen reet zin bij zoveel bergen en golf geraas) dacht ik dit gaat echt niet goed!
Dus ben ik maar naar een rots gezwommen en ben daar opgeklommen en over allemaal rotsen gegaan als een soort van steenbok.
Ik zag in de verte een hekwerk van een uitkijkpunt waar ik eerder was geweest dus kon ik goddank over land de rest weer terug vinden. De kindjes zaten in de camper maar Ed stond samen met de politie op de uitkijk en ze hadden net een boot geregeld die me zou gaan zoeken.
Ik was pislink op Ed en vond het super onverantwoordelijk dat hij alleen het water was uitgegaan.
Maar na wat LUL’s, wat vreselijk opluchtte, ging het wel weer.
Zazou was erg blij me te zien, in tranen, maar dit omdat Ezra haar aan het bewerken was met de stofzuigerslang!
Ik kan echt niet gemist worden!
Na dit avontuur nog schelpen gezocht met zijn viertjes, waarbij het Ezra vooral te doen was om met schelpen te gooien en van de heuvels te rennen/vallen.
Gegeten in de bedoeïenen tent, traditioneel, volgens een Taiwanese dame die al jaren getrouwd was met een Egyptenaar :
Spaghetti met een heerlijke tomaten saus en hamburgers.
Wel erg lekker, en leuk gezelschap die ons nog leuke reistips aan de hand deden.

Woensdag 14 april

Vandaag een echte rijdag.
Vroeg opstaan 6.30 wat voor de verandering eens makkelijk ging omdat de kleine spookjes al om 6.00 van de partij waren, gelukkig sliepen wij gisteren al om 20.30, nog nooit zo vroeg naar bed gegaan! Wel frustrerend om 766 km te moeten rijden terwijl er ook een boot gaat van Sharm El-Sheikh naar Hurghada slechts 1 ½ uur, helaas, er kunnen geen auto’s aan boord, dus dan maar zo’n 12 uur tuffen! Gelukkig zijn de wegen heel erg goed, de beste tot nu toe in het Midden-Oosten.
In Hurghada een hapje gegeten en na 12 uur aan een stuk rijden even lekker de bennen strekken.
Ed is echte die-hard wat betreft lange afstanden rijden.
Met Zazou een week school in een dag gedaan, ze doet het hartstikke goed.
We zijn gekomen tot Zafarana, want we mochten van de politie niet verder.
Bij het checkpoint slapen maar.

Donderdag 15 april

Van Zafarana naar Luxor gereden.
Daar dachten we een plekje voor de Luxor tempel gevonden te hebben met stroom, helaas, het was toch allemaal weer moeilijk, regels, regels.
We kwamen er achter dat er ook een hotel was die overlanders een parkeerplaats kon bieden.
Daar dus maar heen.
We hebben eerst nog de Luxor tempel bezocht, we stonden er nu toch voor de deur.
De tempel was erg mooi, er stond ook nog veel overeind.
Weer een heel ander soort oude stenen dan dat we tot nu toe gezien hadden, dus leuk.
De campsite/hotel was een rustige leuke plek met een zwembadje en alles was omheind, dus Ezra kon niet weglopen.
Er stonden hier ook twee paar andere Nederlanders, waarvan we één paar al in Aqaba en in Dahab ontmoet hadden.
Het andere stel was met zo’n monster van een vrachtwagen en kwamen net terug uit Afrika en waren op de terugweg naar Nederland.

Vrijdag 16 april

We hebben vandaag wat aangelummeld op de campsite en gekletst met de andere Hollanders.
Het was echt te heet om wat te ondernemen, 40+ en geen wind.
Aan het eind van de middag zijn we nog naar de Karnak tempel gegaan want die was vlakbij.
Deze is nog een stuk groter dan de Luxor tempel en ook erg mooi.
Daarna zijn we de stad ingegaan om wat te gaan eten.
We moesten over de bazaar naar het restaurant.
Wat een gedoe!, we zijn ondertussen heel wat gewend, maar die gasten hier spannen de kroon met hun pusherig-argressieve verkoop methodes.
Je wordt ook doodziek van het allemachtig prachtig, hoe gaat het en kijken, kijken niet kopen wat je ongevraagd naar je hoofd krijgt.
Toen we eindelijk het restaurant hadden bereikt en net zaten kwamen toevallig de andere truck Nederlanders ook binnen, die zich ook door de bazaar geworsteld hadden.
zij typeerden de bazaar als de fatamorgana in de Efteling, waar als het bootje door een infrarood straaltje gaat er iets tot leven komt.
Dit klopt wel, die gasten zitten onderuitgezakt, maar als je op een bepaalde afstand komt komen ze tot leven.
We hebben samen gegeten en Ezra heeft zeker anderhalf uur een show weg gegeven tot groot vermaak van de eigenaar en de andere gasten.
Er zat namelijk een gitarist en waar muziek is moet gedanst worden!

Zaterdag 17 april

Weer bloedheet, dus weinig gedaan.
Aan het eind van de middag hebben we een tochtje gemaakt op de Nijl met een Feloek (Egyptische zeilboot) naar Banana island.
Dit was erg lekker.

Zondag 18 april

Vandaag om zes uur opgestaan om naar de overkant van de Nijl gegaan om de vallei der koningen en wat andere tempels te gaan bekijken.
Dit is natuurlijk een toeristencircus.
We hebben een aantal graftombes bekeken, deze zijn erg indrukwekkend en sommigen zijn erg mooi gedecoreerd.
Het was wel weer bloedheet en in één graftombe was het echt ongelofelijk heet.
Heel raar want je gaat een heel eind een berg in en heel diep onder de grond, waar je juist koelte zou verwachten, maar het was er echt ondragelijk heet.
Ik denk dat ik niet overdrijf als het daar een graad of zestig was, net een sauna, iedereen kwam badend in het zweet weer naar buiten.
Om een uur of vier vonden we het wel mooi geweest en zijn we terug gegaan naar de camper om wat af te koelen in het zwembad.

Maandag 19 april

Rustig dagje en ’s avonds op weg gegaan naar Aswan, dachten we.
Toen we bij het checkpoint aankwamen om Luxor te verlaten, mochten we niet verder.
Toeristen mogen na 18:00 uur niet meer rijden.
Wij nog van alles geprobeerd, maar het mocht niet.
Toen kwam er een politieman bij met een paar sterren op z’n pak.
Hij verzekerde ons dat als we nog even wachtten op een collega van hem, dat we mee konden naar het politiebureau om een vergunning te regelen om wel te kunnen rijden, gratis.
Toen de collega kwam zijn we achter hem aan gereden de stad weer in.
Na weer een poos wachten moest ik bij de commissaris komen en konden we een vergunning krijgen als we €125 betaalden! Dat geld ging natuurlijk rechtstreeks zijn eigen zak in.
Ik heb me meteen omgedraaid en ben zijn kantoor uitgelopen, hufter.
We zijn toen weer naar het checkpoint gereden om daar te overnachten.
Dit mocht natuurlijk ook weer niet, maar omdat we tijdens het wachten een poos gepraat hadden met de politieman met sterren en ons beklag gedaan hadden over de Egyptenaren en dat ze overal geld voor wilden, kon hij regelen dat het wel mocht.
Hij bood ook duizend keer zijn excuses aan (hij had ook gezegd dat de vergunning gratis was, en dat het zo geregeld zou zijn, drie uur dus).

Dinsdag 20 april

Vanochtend vroeg gaan rijden richting Aswan.
Onderweg zijn we gestopt in Esna, Edfu en Kom Ombo om daar oude tempels te gaan bekijken.
De tempels in Esna en Edfu waren erg mooi, maar van die in Kom Ombo stond niet veel meer overeind.
Aan het eind van de middag waren we in Aswan.
We hebben een poosje in de stad gezocht naar een plek om te staan, maar dat is in Egypte niet zo makkelijk.
We hadden ook een naam van een camp site, maar we kwamen er achter dat die door de politie gesloten was.
Gelukkig wist iemand nog een camp site, dus daar maar naartoe.
Het was aan de overkant van de Nijl in een klein dorpje met hele smalle straatjes en lage bomen en laag hangende elektriciteitskabels.
Toen we er waren was deze campsite wel heel erg nieuw, zo nieuw dat de parkeerplaats nog één grote zandbak was.
Het was bloed heet en Bar had de ramen van de camper open gezet.
Ze had dit wel tegen mij gezegd, maar omdat we vast dreigden te komen zitten, was ik dit vergeten.
Terwijl ik bezig was de camper weer aan het rollen te krijgen reed ik het zijraam kompleet aan flarden tegen een zuil van een poort.
Balen! ik was vergeten dat de ramen open stonden en het was er pikdonker, dus ik zag het ook niet in de spiegels.
Het mannetje van de camp site kon natuurlijk wel wat regelen, tegen een debiele prijs.
We hebben het raam dicht getaped en besloten om de volgende dag zelf maar naar de overkant te rijden om zelf wat te regelen.

Woensdag 21 april

Vanochtend weer door de smalle straatjes terug gekropen om weer naar Aswan te gaan.
Daar zijn we met een taxi naar een glasboer gegaan, en hij had zelfs plexiglas!
Daar dus een stuk op maat laten snijden, super!, het kostte ook nog eens geen drol.
Daarna hebben we een feloeka gepakt om naar twee eilandjes in de Nijl te gaan.
Het eerste eiland was een botanische tuin die lekker rustig en mooi was.
De tweede was het Elefantine eiland waar een museum, een tempel en een dorpje op stond.
Het museum was niet erg bijzonder, maar er was wel een hele leuke man die ons rondleidde.
Van de tempel stond er ook niet veel meer, maar het was wel leuk om het te zien.
Op het eilandje was ook een Mövenpick resort, dus we hebben ons daar met de boot laten afzetten.
We hebben hier boven in de enorme (13 verdiepingen) hoge toren wat gedronken en van het geweldige uitzicht genoten.
Daarna hebben we gebruik gemaakt van het buffet, we waren er nu toch, en heerlijk gegeten.

Donderdag 22 april

Weer terug gereden van Aswan naar Luxor.
We wilden eigenlijk nog naar Abu Simbel (verder zuid), maar dit zou zo veel uren in beslag gaan nemen voor één tempel, dat we besloten hadden dit maar te laten.
We waren aan het eind van de middag weer in Luxor.
Toen we een uurtje op de camp site waren kwamen er ruim twintig oranje beplakte Nederlandse voertuigen binnen.
De voertuigen bestonden uit kevers, oude VW busjes, landcruisers, legervoertuigen, trucks en een motorfiets.
Weg rust!, de hele campsite vol met Nederlanders.
Ze waren op weg naar Zuid Afrika om het WK voetbal te gaan bijwonen.
We hebben nog wat was gedaan en het kapotte raam vervangen.
We wilden de volgende ochtend om zes uur opstaan om naar een bepaalde oase te gaan, maar we kwamen er gelukkig achter door met een Egyptische guide van de Nederlanders te praten dat dat echt geen optie was met onze camper, een 4x4 had al moeite om hier te komen.

Vrijdag 23 april

Nog maar een dagje op de camp site om uit te zoeken hoe we verder zouden gaan rijden.

Zaterdag 24 april

Vanochtend vroeg gaan rijden richting Caïro.
De weg schoot de hele dag niet zo erg op omdat we de weg langs de Nijl moesten nemen, want de snelweg mochten we niet op omdat daar geen checkpoints waren.
We hadden bijna de hele dag politiebegeleiding, soms van vier auto’s tegelijk.
Ze zijn blijkbaar als de dood dat ons wat overkomt.
Na de hele dag door dorpjes hobbelen en honderden keren gestopt te zijn voor de dramatisch heftige verkeersdrempels, zijn we gestrand bij een checkpoint zo’n 170km voor Caïro.

Zondag 25 april

Even nadat we vanochtend vertrokken waren vanuit de checkpoint hoorden we ineens een raar ratelend/rinkelend geluid uit de motor.
De v-snaar van de dynamo was aan het afsterven.
Gelukkig had ik hier een reserve van meegenomen.
We zijn door iemand meegenomen naar een “garage” waar een monteur van nog geen tien jaar het klusje zou gaan klaren.
De man verzekerde mij dat het een goede monteur was, hij deed ook altijd zijn auto.
De man had gelijk, het jongentje kroop er onder (niks krik) en heeft de snaar vervangen.
Ik had hem ook de snaar van de stuurbekrachtiging laten vervangen, want die zat er gedraaid op, dus zou het vandaag of morgen ook wel gaan begeven.
Een honderd kilometer onder Caïro was ook een oase die we wel konden zien met de camper.
Daar zijn we eigenlijk het grootste deel van de dag doorheen aan het rijden geweest.
De oase was erg mooi, maar er waren ook tig dorpjes waar we door kwamen vol met zooi en dramatische wegen, maar wij en de camper hebben het overleefd.
Het rare is wel dat de politiebegeleiding een poosje voor de oase ophield, terwijl de oase juist een “gevaarlijk” gebied moest zijn omdat alle terroristen die in 1997 een hoop bommen hadden laten afgaan in Caïro en Luxor hier vandaan kwamen.
We zijn geëindigd in het dorpje Tunis, waar al jaren een Zwitserse vrouw woont die daar een pottenbakkerscentrum begonnen is.
We hebben hier even rondgekeken en zijn daarna schuin aan de overkant bij een restaurantje gaan staan om wat te eten en te overnachten.

Maandag 26 april

Vanochtend het laatste stuk naar Cairo gereden.
In de heksenketel op zoek naar een parkeerplaats downtown in de buurt van het hotel waar Kees en Corien (Bar haar oom en tante) over twee dagen in gaan.
Met heel veel mazzel was het gelukt om op 200 meter van het hotel te parkeren.
Daarna hebben we nog even wat in de buurt rondgelopen.

Dinsdag 27 april

Er is een dierentuin in Cairo, dus op naar de dierentuin.
We waren eerst erg huiverig over hoe de dieren er bij zouden zitten, maar het viel alles mee.
De meeste hadden een groot en schoon hok.
Het algehele beeld van de dierentuin was behoorlijk troosteloos, maar dit kwam vooral omdat er waarschijnlijk sinds de opening niks meer aan onderhoud gedaan was.
Met wat verf en een legertje tuinmannen zou dit opgelost kunnen worden, maar met een entreeprijs van €0,27 zal dit wel nooit gaan gebeuren.
Wat wel erg leuk was, was dat er overal oppassers stonden waarbij je wat voer kon krijgen om de dieren te voeren.
Als enige toeristen daar kregen we soms nog wat meer aangeboden.
Zo mochten we mee achter de schermen bij de Chimpansee’s waar we een baby konden bekijken.
Voordat we het door hadden werd er een chimp bij Bar op schoot gezet die echt geen baby meer was!
Even later konden we kijken bij een “baby” leeuw.
Toen deze het hok uitgehaald werd, was deze al zo groot als een flinke Duitse herder, dus we hebben maar even gevraagd of ze hem snel bij de kinderen vandaan wilden houden en weer terug in het hok wilden stoppen.

Woensdag 28 april

We zijn richting de bazaar vertrokken.
Deze viel in de eerste instantie erg tegen, maar toen we op zoek gingen naar een bepaald restaurant werd het ineens een stuk leuker qua winkeltjes en opdringerigheid.
Aan het eind van de dag zijn we met de taxi Kees en Corien op gaan halen van het vliegveld.
Het was erg leuk om ze weer te zien.
We zijn naar het hotel gereden en zijn later nog wat gaan eten in een restaurantje.

Donderdag 29 april

We zijn naar het Egyptische museum gegaan.
Dit is een giga groot museum waar alle Egyptische schatten liggen waaronder de Tutanchamon schatten.
Het museum opzich was een smerige bende, as usual, en enorm druk.
We hebben de voor ons interessantste vertrekken bezocht en daar hebben we hele mooie dingen gezien.
Daarna zijn we richting het modern art museum gelopen, maar die ging pas een paar uur later open.
Door de ramen konden we zien dat de collectie niet erg geweldig was, dus daar hebben we niet op gewacht.
We zijn even langs de opera gelopen en toen de Nijl weer overgelopen en bij een lekkere Italiaan gaan eten.

Vrijdag 30 april

Er was venochtend weinig zon dus een goede dag om naar Giza te gaan om de piramides te gaan bekijken.
We kunnen echt merken dat we een beetje reismoe aan het worden zijn en dat het tijd wordt om aan de terugweg te gaan beginnen, want we hadden allebei het gevoel van o ja, been there, done that, terwijl het zien van de piramides toch iets meer los zou moeten maken.
Na een rondje om de grootste piramide en langs de Sfinx zijn we weer vertrokken richting de stad om daar de grote moskee te gaan bekijken.
Daarna hebben we nog een poosje in het niet toeristische deel van de bazaar rondgelopen, waar de echte ambachtslieden aan het werk waren in kleine smerige werkplaatsjes.
Het was erg leuk om zo een stukje authentiek Cairo te zien waar niemand een poging doet om je iets te verkopen.
Daarna lekker gegeten in een restaurant in het toeristische deel.

Zaterdag 1 mei

We zijn op weg gegaan naar het science museum voor kinderen.
We hebben ons af laten zetten bij een grote, niet meer in gebruik zijnde moskee in de buurt van het museum.
Het was een mooie moskee, en naast de moskee stond een traditioneel huis dat gerestaureerd was in oorspronkelijke staat.
Nou, hier kon je best wonen! een heel open huis met binnenplaats, loggia, dakterras en prachtige kamers.
Daarna naar het science museum, maar dat bleek onvindbaar te zijn, dus na een poosje zoeken en vragen, maar niet vinden zijn we maar weer de buurt ingegaan met de authentieke werkplaatsen en winkeltjes.
Daarna hebben we wat gegeten en ben ik met de kids naar het hotel gegaan en Bar, Kees en Corien zijn naar een Sufi voorstelling gegaan.

Zondag 2 mei
Vandaag naar het Koptische deel van Cairo gegaan om wat dingen te bekijken.
We zijn begonnen met het Koptisch museum daarna hebben we de St. Joris kerk bezocht, wat een ronde kerk was.
Vervolgens zijn we naar de Maria kerk gegaan.
We wilden nog naar de Ben Ezra moskee, maar daar waren we net vijf minuten na sluitingstijd, helaas
‘s Avonds gegeten in een Zwitsers restaurant bij ons in de straat.
Bar zat dus in de hitte aan de kaasfondue en als toetje chocoladefondue!

Maandag 3 mei

Eerst naar het keramiek museum geweest, dit zat in een klein paleisje, erg mooi.
De collectie was ook mooi, maar het mooiste deel van de collectie was Turks keramiek.
Daarna hebben we in een park wat dichtbij was een broodje gegeten en het “aquarium” bezocht.
Dit was weer een leuke Egyptische poging om iets westers na te bootsen, maar zoals iedere keer wordt er geen onderhoud gepleegd, dus als er een aquarium stuk is, dan blijft dat zo.
Daarna zijn we met een taxi richting een grote begraafplaats gegaan waar mensen ook in de grafmonumenten zouden wonen.
We hebben hier nier zo veel van gezien.
We af en toe een stoel of tafel, maar niet echt aanwijzingen dat hier echt gewoond werd.
Daarna zijn we richting de bazaar gegaan omdat daar in een gebouw een handicraft fair zou zijn.
Die was er wel, maar stelde bijzonder weinig voor.

Dinsdag 4 mei

In de buurt van de airport stond een heel mooi Indiaas uitziend paleis die we nog wilden zien.
Toen we daar aankwamen was het echter dicht wegens renovatie, jammer.
We hebben er omheen gelopen en zijn toen naar het vlakbij gelegen kindermuseum gegaan.
Dit was ook gesloten wegens renovatie!
We zijn toen maar richting het Pharaoic Village gegaan, want we wilden toch iets leuks voor de kids doen.
De Village was een grappig, maar ook heel fout thema park voor kids waar je met een boot door de geschiedenis en tradities van Egypte kon varen.
Na de boot kon je nog rondkijken in allerlei replica’s van tempels etc.
Bar en Corien hebben zelfs Kees en mij zo ver gekregen om verkleed als Ramses II op de foto te gaan.
’s Avonds heerlijk Libanees gegeten.

Woensdag 5 mei

Vertrekdag.
Kees en Corien gingen na een zeer gezellige week weer huiswaarts en wij gingen op weg naar Nuweiba voor wat rust na tien dagen hectische stad.
Om een uur of vijf waren we er.
We stonden met de camper op het strand naast een hotelletje waar we stroom en water konden krijgen.
Het was hier heerlijk rustig en de zee was echt piswarm, lekker!

Donderdag 6 t/m zaterdag 8 mei

Zon, zee, strand.

Vrijdag 9 mei

Na een paar dagen rust wilden we toch nog wel iets meer dan helemaal niks, dus zijn we een klein stukje verder gereden naar Dahab.
Hier zijn we weer bij Inmo gaan staan.

Zaterdag 9 mei t/m dinsdag 12 mei

Zon, zee, strand.

zaterdag 27 maart 2010

Zaterdag 27 februari

Niet veel gedaan, want het regende de hele dag.
We hebben een beetje in de camper gehangen.

Zondag 28 februari

Meer van hetzelfde

Maandag 1 maart

Droog!
We zijn Jerash in gegaan om de Romeinse site te gaan bekijken.
Deze was op zich heel mooi, maar we merkten dat we wat minder onder de indruk raken van al die oude stenen.
Er zijn in deze landen eenmaal bijna geen moderne dingen, dus qua sites is het bijna allemaal oud, en omdat we natuurlijk al vreselijk veel moois gezien hebben, zijn we een beetje verwend aan het raken.
We zijn toen door gereden naar Amman.
We hadden een bepaalde plek in gedachten om te gaan staan.
Het was in een dure wijk op de parkeerplaats van een supermarkt.
Omdat de Jordaniërs vrij spaarzaam zijn met de bewegwijzering kwamen we midden in het oude centrum uit.
We hebben toen maar een taxi voor ons uit laten rijden naar de supermarkt.
Het was een goede plek; vlak, een KFC voor de deur, een giga supermarkt die zeven dagen per week 24 uur per dag open is en voor iets meer dan een Euro zit je met een taxi in het centrum.

Dinsdag 2 maart

We zijn met naar de Citadel gegaan.
Hier was niet zo gek veel van over, maar er was wel een mooi museum.
We kwamen daar een Nederlands stel tegen waar Zazou erg blij van werd.
Ze heeft ze dan in een half uur tijd ook compleet sufgeluld, maar ze vonden het wel gezellig.
Daarna zijn we naar het Wild Jordan centrum gegaan om info te krijgen over de natuurreservaten die ze hier hebben.
Twee van de reservaten waar we heen wilden vielen af omdat er eentje was afgefikt en een ander mocht je pas in vanaf achttien jaar omdat de routes door het park erg heftig waren in de zin van veel zwemmen en abseilen.
Er bleven er gelukkig wel een paar over die we wel kunnen gaan zien als aangename afwisseling voor al het stads en cultuurgeweld.
In het centrum zat ook een eco restaurant waar we lekker gegeten hebben.
Amman is een grote stad die op negentien heuvels gebouwd is, dus je doet alles met de taxi omdat je anders de hele dag met je tong op je schoenen loopt van het klimmen.
We zijn dus weer met de taxi terug gegaan naar de camper.

Woensdag 3 maart

Eerst naar de King Abdullah gardens, die waren in de buurt van onze parkeerplaats.
Het park was een echte aanfluiting.
Er zat ook een lunapark voor kinderen in, maar daar was sinds de opening, tig jaar geleden, niks meer gedaan.
Het was oubollig en vreselijk smerig, je zou je kind eigenlijk nergens in moeten laten, maarja, Zazou vond het er prachtig uitzien dus heeft ze toch een paar ritjes gemaakt.
Daarna zijn we naar het National museum of fine arts gegaan.
Dit was een erg mooi museum wat uit twee tegenover elkaar liggende identieke gebouwen bestond met een beeldentuin er tussen.
Dit was een verademing.
Het museum stond vol met hedendaagse kunst en was mooi gepresenteerd.
Er fijn om na al het ouds wat moderns te zien.
Daarna hebben we in een soort mall nog was gegeten en weer terug naar de camper.

Donderdag 4 maart

Eerst naar het ministerie van toerisme om wat info over de stad te scoren.
De mensen waren zeer behulpzaam, maar wisten eigenlijk niet zo veel, maar we waren toch weer wat wijzer.
Toen zijn we weer naar het centrum gegaan om twee musea en het amfitheater te bekijken.
De musea waren klein, maar erg de moeite waard.
Het waren het folklore en het popular traditions museum.
Het theater was niet zo schokkend, maar Zazou vind het altijd erg leuk om helemaal naar boven te klimmen.
Daarna zijn we naar de Al Husseiny moskee gegaan, maar dat viel tegen voor Bar, want er mochten geen vrouwen in.
Ik ben ook niet gaan kijken want ik heb de moskeeën wel gezien.
Alleen de hele bijzondere wil ik nog bekijken.
Daarna hebben we nog wat in de straatjes rond gelopen en hebben we een taxi gepakt naar de Darat al-Funum foundation.
Dit is een mooi complex voor hedendaagse kunst.
Er was veel conceptuele kunst die we niet zo bijster interessant vonden, maar toch leuk om gezien te hebben.

Vrijdag 5 maart

We zijn eerst naar het Royal Automobile museum gegaan.
Dit was een erg mooi museum vol met Ferrari’s, Rolls Royces, Porches, Mercedessen, Austin Martins, Buick’s, Caddilac’s etc en een hoop oude Harley’s en Indians.
We zijn allebei niet zo autogek, maar dit was een erg tof museum.
Toen we buiten kwamen had de lokale Harley club hun fietsen voor het museum geparkeerd, dus dat was nog een toetje.
Toen ze met veel gebulder weer vertrokken was Ezra erg onder de indruk.
Het kindermuseum lag honderd meter verderop, dus…..
Dit was een amazing museum, veel speelplezier met een wetenschappelijk tintje.
Het zag er allemaal prachtig uit en de kids waren niet te stuiten.
We kwamen daar en Spanjaard tegen met zijn éénjarig zoontje.
Hij werkte voor de Europese Commissie en hield zich bezig met het adviseren van landen over waar ze hun ontwikkelingsgeld aan konden besteden.
Hij had ook voor artsen zonder grenzen gewerkt, dus hij had de hele wereld wel gezien.
Hij was een alleenstaande vader en had zijn zoontje gekregen doordat een Indiase vrouw een eitje had gegeven die had hij bevrucht en was vervolgens in een andere Indiase vrouw geplaatst om te dragen.
Het klikte erg goed tussen ons en de kinders, dus we hebben uren gekletst en de kinderen hebben lekker gedold.
Hij nodigde ons uit om bij hem te komen eten, dus zijn we mee naar zijn huis gegaan.
Hier kwamen ’s avonds ook nog een ander Spaans stel met drie kinderen, dus het was een heksenketel!, maar wel super gezellig.

Zaterdag 6 maart

Ik ben s’ochtends naar de wijk gegaan met bouwmaterialenwinkels (leuk woord voor galgje) om profielen te halen om nog twee grote opbergboxen op het dak te kunnen monteren.
Die boxen waren bij de supermarkt in de aanbieding en omdat we een beetje aan het dichtslibben zijn in de camper, waren ze erg welkom op het dak.
Nadat de boxen op het dak zaten (en al weer bijna vol zaten) zijn we naar dat andere Spaanse stel gegaan om de kinderen te laten spelen.
Dit was erg gezellig en we zijn daarna naar een grote shoppingmall gegaan om wat rond te kijken en om een happie te eten.

Zondag 7 maart

Eerst met een taxi naar Iraq Al-Amir gegaan.
Dit is een natuurgebied net buiten Amman waar wat grotten en (weer) Romeinse ruïnes zijn.
Het was een erg mooi landschap.
Jordanië vinden we sowieso erg mooi qua landschap, het is ruig en erg groen.
Daarna terug naar de camper en wat bootschappen gedaan en toen op pad naar Madaba.
De stad uitkomen was een ramp, want doordat er weer eens op cruciale punten geen borden stonden reden we lekker verkeerd.
Dus toen maar op elk kruispunt de weg vragen.
Uiteindelijk zijn we er gekomen.
Ik heb nog even de weersverwachting gechecked in een internetcafé en de lente gaat hier goed inkicken, de aankomende week rond de dertig graden met wat wind, joeppie!

Maandag 8 maart

In Madaba rondgekeken en alle kerken en mozaïekplekken bezocht.
Madaba is bekend voor de Mozaïeken en vooral om een mozaïek van de eerste landkaart van Palestina.
Er waren mooie mozaïeken bij, maar omdat ze zo oud waren, waren de kleuren allemaal vrij flets.
Daarna zijn we naar Mount Nebo gegaan.
Dit is de plek waar God Mozes het beloofde land zou hebben laten zien.
Je kunt vanaf hier over de Dode zee naar Israël kijken.
Daarna hebben we de camper opgehaald om richting de Dode zee te rijden.
De weg zou behoorlijk gevaarlijk zijn omdat we in Madaba op 1200m boven zeeniveau zaten en de Dode zee ligt 400m onder zeeniveau.
Een behoorlijke afdaling dus.
Het alternatief was bijna helemaal weer terug naar Amman om daar een vlakkere weg te nemen.
We hadden dus toch maar gekozen voor de steile weg, maar daar hadden we binnen vijf minuten al spijt van.
Het was ontiegelijk stijl en één en al haarspeldbochten.
We konden niks anders dan continue remmen, met als gevolg dat de remmen bloedheet werden en ik af en toe bijna geen remdruk meer had.
Da’s niet zo lekker op een berg als dit.
Dus de camper maar aan de kant gezet om te laten koelen en Jordy maar weer eens te bellen voor advies.
Ik had aan Bar gevraagd om even de rem in te trappen om even te kijken of ik de blokken wel zag bewegen.
Toen ze de rem indrukte kwam er een knal en heel veel gesis.
Bar schrok zich dood en ik dacht dat de remleidingen leegspoten, maar het was een band die leegliep.
Doordat de remschijf roodgloeiend was is waarschijnlijk de lucht in de band ook zo erg verhit tot het punt dat hij het niet meer kon hebben, dat kon er ook nog wel bij!
Bar stond met een hopeloos hoofd langs de kant van de weg en daardoor stopte er een auto met rangers, die haalden er weer een auto met tourist police bij (als er iets is met een toerist, komt altijd de tourist police erbij).
Nadat de band verwisseld was waren de remmen inmiddels ook weer wat afgekoeld, dus we konden weer proberen om verder naar beneden te komen.
Bar had er geen vertrouwen meer in, dus die is met de kinderen bij de rangers ingestapt.
Volgens de rangers hadden we het steilste deel gehad en zou het vanaf hier no problem meer zijn.
Deze keer hadden ze gelijk, dus het ging zonder problemen weer verder naar beneden.
We hebben de camper bij het Mövenpick resort voor de deur geparkeerd en hebben daar wat gegeten.
Het resort zag er echt belachelijk mooi uit, ik had nog nooit zo’n sjiek gebeuren gezien.
Dus morgen zouden we hier een dagje gaan zitten.

Dinsdag 9 maart

Vandaag een dagje Mövenpick.
We moesten aan de poort twee dagpassen kopen voor € 30 p.p. maar daar zat ook € 10 consumpties in, niet goedkoop, maar wel erg lekker zo’n verwendag.
Bij het zwembad werd niet gevraagd naar onze passen, omdat ze er vanuit gingen dat niet Jordaniërs gasten van het resort waren.
Dat was mooi, want dan werd er niet € 40 van onze passen afgeschreven, dus konden we het allemaal opeten en drinken.
Het was echt heerlijk om als een vorst behandeld te worden in een schitterende omgeving.
Dobberen in de Dode zee is ook een leuke ervaring, vooral als je gewoon een schoolslagje wil doen ziet het er erg leuk uit, je krijgt je benen niet onder water!
Zazou vond de zee een stuk minder, want ze had een paar blaren op haar voeten en omdat het zoutgehalte zo bizar hoog is prikte dit enorm.
Ze was zo aan het gillen dat een lifeguard met kleren en al het water in dook om haar te “redden”.

Woensdag 10 maart

Weer een dagje Mövenpick, maar nu helemaal gratis, want we hoefden geen dagpas te kopen, foutje dank u!

Donderdag 11 maart

Vanochtend Bar en de kids weer bij het zwembad geparkeerd, helaas niet gratis, en toen ben ik met de camper op zoek gegaan naar iets wat voor een garage kon doorgaan om de remmen te laten ontluchten.
Deze was snel gevonden en een tientje later was alles weer voor de bakker.
Daarna nog wat boodschapjes gedaan en weer terug naar het resort om nog een paar uurtjes te relaxen.
S’avonds geweldig lekker Chinees gegeten, de passen moesten op.

Vrijdag 12 maart

Toen we vanochtend op pad wilden naar Dana had een hersendode Jordaniër z’n autootje haaks op het midden van de camper geparkeerd.
Dit was niet zo handig, want links was een muur, voor een normaal geparkeerde auto, achter een te hoge stoep en rechts het shit autootje.
We kwamen er niet achter van wie hij was, dus met hulp van de politie en tachtig keer steken kwamen we eruit.
Toen op weg naar Dana.
Langs de Dode zee was de weg prima, maar op een gegeven moment moesten we weer de bergen in.
Er kwam geen eind aan het klimmen, maar met de extra fan aan kreeg de motor het net niet te heet.
Weer geen enkele wegwijzer voor het belangrijkste natuur reservaat, dus op elke splitsing maar weer vragen.
Na bijna vier uur kwamen we aan op de campsite.
We dachten hier rustig te kunnen staan, helaas, het was vrijdag dus er waren honderden Jordaniërs hun vrije dag aan het vieren, en nu waren wij er als main attraction, fijn.
Bij het informatiehokje kwamen we er achter dat de campsite en alle wandelpaden nog dicht waren, ook fijn.
Bar helemaal pissed, dus de manager werd uit z’n nest gebeld, vond hij ook fijn.
Het daarop volgende telefoongesprek met Bar vond hij nog fijner!
Volgens de info die wij van het hoofdkantoor in Amman hadden gekregen moest alles open zijn, drukfoutje volgens die gasten hier.
Wat wel echt fijn was, was dat de manager ineens op de camper klopte, hij was naar de campsite geracet.
Hij stelde voor dat wij moesten zeggen welke route we de volgende dag wilden lopen, dan zorgde hij ervoor dat die geprepareerd was.
Dit vonden we een beetje lullig, want dan zouden er waarschijnlijk een aantal gasten op hun vrije dag (en nacht) zich voor ons uit de naad moeten werken.
Dana village was wel open en volgens hem waren de routes daar beter te doen voor de kids en was het daar sowieso mooier.
Hij vroeg ons of we wel a.u.b. een klachtenmail naar de organisatie wilden sturen, want hij zat doordat ze daar foutieve info gaven met een hoop boze toeristen.
Na ongeveer vijf kilometer zwaaiend als Beatrix naar gillende Jordaniërs waren we weer op de gewone weg.
Toen we bij de afslag voor het dorp waren ging de weg wel weer erg stijl naar beneden.
Na een paar kilometer vond ik het wel genoeg, ik wilde geen herhaling van mount Nebo.
Het was al donker en toen ik uitstapte om naar de remmen te kijken had ik geen lampje nodig, ze waren zo roodgloeiend dat je er makkelijk een krant bij kon lezen!
De boel dus maar met water gekoeld.
We stonden naast een uitkijkplatform, dus daar de camper maar opgereden om te laten staan, want we waren er nog niet, maar ik ging dus echt niet verder naar beneden.
Toen we vanaf het platform naar beneden keken om te zien hoe ver het nog naar Dana was werden we door een Belg aangesproken die vroeg of we een lift wilden.
Hij zat daar met zijn Duitse vriendin omdat ze een doctoraal scriptie aan het schrijven waren over Dana en de RSCN (de wildlife organisatie).
Nou, dat was lekker!
Wij met hen naar beneden en daar hebben we in een hotelletje heerlijk Jordaans gegeten met z’n allen voor bijna niks.
Na het eten werden we ook weer lekker bij de camper gedropt, tof!

Zaterdag 13 maart

Vanochtend naar beneden gewandeld om daar in het hotelletje te ontbijten.
We wilden een wandeling maken door de Wadi (vallei), maar Zazou had nog last van een blaar, dus om het voor iedereen leuk te houden hebben we haar bij het hotel gelaten en zijn we met Ezra op pad gegaan.
Ik dacht dat het wel zou kunnen met de buggy, mis!, dus die hebben we na een paar honderd meter in de bosjes gedumpt om later weer op te halen.
Het was ook te gevaarlijk voor Ezra om zelf te lopen, dus dat werd dragen.
Het was een prachtige Wadi en na een paar uur klauteren en vallen (Bar) en zweten (ik) waren we weer bij het hotel.
Daar hebben we eigenlijk voor de rest een beetje rondgehangen en wat gekletst met andere gasten en weer lekker gedineerd.
We werden weer teruggebracht naar de camper, super!

Zondag 14 maart

Rijden naar Aqaba, deze keer niet al te veel klimmen en dalen.
Het was de desert highway, zo’n rechte streep door de woestijn, maar wel bloedheet.
De extra fan moest de hele tijd aan anders trok de motor het qua hitte niet.
Toen we aan kwamen hebben we eerst een aantal hotels voor Bar haar ouders gechecked, want die komen de 19e
Daarna hebben we een plekkie voor onszelf gezocht.
We zijn terecht gekomen bij het bedoeïn garden restaurant.
Daar konden we staan voor een prikkie en gebruik maken van het zwembad, douches, wasmachine, etc. helemaal goed.
We kwamen daar een paar Rotterdammers (Michiel en Heleen)met hun kinderen (Simone en Linet) tegen.
Zij hadden twee meisjes, één van Ezra’s leeftijd en één van vijf.
Zij waren een reis van een half jaar aan het maken met een wereldticket en waren in Japan, Vietnam en Indonesië geweest.
We hebben samen gegeten en het was lekker voor Zazou dat er eens een keer een vriendinnetje was waar ze gewoon Nederlands mee kon praten.

maandag 15 maart

Wasdag!
Eigenlijk niks anders gedaan dan ons met een enorme berg was bezig gehouden en de kindjes hebben lekker met de Nederlandse kindjes gespeeld.
S’avonds hebben we met z’n allen bij een Taiwanees restaurant in de stad gegeten.

Dinsdag 16 maart

We zijn bezig geweest met het omgooien van de winterkleding naar de zomerkleding en de camper kuisen.
Aan het eind van de middag zijn we met Michiel en Heleen en kids in een glassbottom boot gestapt om wat visjes en koraal te bekijken.
Dit viel wat tegen, bij ons voor de deur moet het heel mooi zijn, maar bij de stad was er niet zo veel aan.
Daarna hebben we bij de Mac wat gegeten.

Woensdag 17 maart

Vanochtend op tijd opgestaan omdat we om tien uur met z’n allen bij de ingang van Wadi Rum moesten zijn, dit ligt ongeveer een uur rijden van onze stek.
Wadi Rum is een woestijn met bijzondere bergen, en daar zouden we de hele dag in een 4x4 rondgereden worden en dan s’avonds daar eten en overnachten in een bedoeïenentent.
Wadi Rum was echt super mooi, heel ruig en afwisselend van zandduinen tot bizarre rotsformaties en kloven.
Rond een uur of vijf waren we in het kamp.
We zagen al snel dat dit niet de lekkerste nacht van de reis zou worden.
De matrassen en dekens waren een zandbak en tent was ook niet bepaald winddicht.
Na het eten zijn we eigenlijk al snel naar bed gegaan omdat ze in de gemeenschappelijke tent een lekker vuurtje hadden gemaakt, maar er zit geen schoorsteen o.i.d. in zo’n tent dus voelden we ons al snel een stel gerookte palingen.
Pik donker in die tent, want er is geen elektra in de woestijn, dus maar een kaarsje gescoord en met de kleren aan onder de dekens geschoven.

Donderdag 18 maart

Om zes uur waren we al weer wakker na een winderige nacht.
We hebben wat gegeten en zijn toen weer ingestapt om naar de ingang van Wadi Rum te gaan en een taxi te scoren.
Michiel en Heleen gingen verder richting Amman om vanaf daar naar Syrië door te reizen.
Wij hebben in Aqaba een huurauto geregeld voor Bar haar ouders en zijn toen terug naar de camper gegaan om het woestijnzand van ons af te wassen.
We zijn daarna nog even de stad in geweest om wat rond te kijken.

Vrijdag 19 maart.

Toen we wakker werden stond er een Duitse bakwagen naast ons met een caravan erop gemonteerd.
Het waren leuke mensen met een dochtertje die twee maanden ouder was dan Zazou en een leuke hond.
We hebben wat gekletst en zijn toen naar het vliegveld gereden om Bar haar ouders op te halen.
Die hadden vertraging, maar wij ook want de wegwijzers naar het vliegveld waren weer ver te zoeken.
Daarna zijn we naar het Mövenpick hier gereden, dat is twee km van onze stek vandaan en daar zijn we de rest van de dag geweest om lekker bij te kletsen en natuurlijk lekker te eten.

Zaterdag 20 maart

Lekker aan het zwembad gezeten.

Zondag 21 maart

Vandaag nog een keer naar Wadi Rum, want Bar haar ouders wilden het ook graag zien.
Deze keer zonder slapen, want Cees krijg je met geen stok in zo’n tent om te slapen.
We hadden een 4x4 gehuurd en zijn de woestijn in gereden.
We hebben een andere route gedaan dan de vorige keer, de jongen die ons rond reed wilde de toeristische plekken een beetje omzeilen.
Dit was erg leuk en hij was veel aan het spelen met de jeep, soms hadden we het gevoel dat we van een zandduin zouden afrollen, maar hij wist wat hij aan het doen was.
Bar, Truus en de kids zijn onderweg nog een uurtje op een kameel gestapt voor een ritje.
Onderweg was de jongen nog even gestopt om een vuurtje te maken voor een potje thee en daarna zijn we richting een plek gereden om de zonsondergang te bekijken.
Onderweg kwamen we nog twee keer een aantal kamelen tegen met een baby kameeltje, waar we natuurlijk uitgebreid bij stilgestaan hebben.
De zonsondergang was een beetje minder want de zon had niet zo veel kracht meer waardoor de bergen niet zo mooi rood kleurden als de vorige keer.
En er waren ook geen wolken die voor spectaculaire kleuren zorgden.
Daarna weer terug naar het hotel.

Maandag 22 maart

Lekker dagje strand en zwembad.

Dinsdag 23 maart

Weer zon, zee, strand

Woensdag 24 maart

Vandaag zijn we naar Petra gereden.
Dit is twee uur rijden van Aqaba, maar het is de toeristische trekpleister van het land.
Het zijn allemaal hele oude in de bergen uitgehakte graftombes die je bereikt door een hele mooie lange kloof door te lopen.
Cees ging met een koetsje de kloof door en had Truus mee de koets in getrokken, daar had vooral Truus snel spijt van omdat het ritje nogal hobbelig was en ze niks van de kloof zag omdat ze alleen bezig was met zichzelf in de koets proberen te houden.
Wij zijn door de kloof gewandeld, en het was een bijzonder mooie wandeling.
De kloof is echt prachtig.
Als je de kloof uit komt loop je tegen de Treasury aan.
Dit is het meest imposante tombe van Petra.
Cees wilde niet meer verder, ondanks de poging om hem met veel hulp op een ezel te hijsen.
Hij is bij een restaurantje gaan zitten en wij hebben de kindjes op een ezeltje gezet en zijn verder gelopen.
Nadat we een deel van Petra gezien hadden zijn we terug gegaan naar de ingang omdat we wat wilden eten om daarna er weer in te gaan om Petra by night te gaan bekijken.
We hebben gedineerd in het Mövenpick hotel wat bij de ingang staat.
Cees had geen zin om Petra by night te gaan bekijken, dus die is in het hotel gebleven.
Wij zijn weer naar binnen gegaan.
Ze hadden het hele pad naar de kloof en de kloof zelf verlicht met zakjes met kaarsen erin.
Het liep tot de treasury die ze met honderden zakjes hadden aangelicht.
Daar kregen we een kopje thee en wat muziek te horen.
Daarna zijn we weer terug gelopen en weer de auto ingestapt om terug naar Aqaba te rijden.

Donderdag 25 maart

Weer een dagje zon, zee en strand.
Bar en ik zijn in de middag gaan duiken.
Het is hier mooi, maar niet zoals op de Antillen.
We konden niet zo diep omdat we waarschijnlijk een opkomende verkoudheid hebben waardoor we veel pijn in onze kop kregen door druk in de holtes.
Ik heb nog de hele avond last gehad van pijn in m’n kop.

Vrijdag 26 maart

Rond 12:00 heb ik Cees en Truus weer naar het vliegveld gebracht, want het zat er op.
Het is erg gezellig geweest!
We hebben veel mazzel gehad, want we hebben niet één keer een daggastkaart hoeven kopen en hebben elke dag heerlijk gratis van het overvloedige ontbijtbuffet genoten, super!
Daarna heb ik nog wat bootschappen gedaan en ben weer naar het Mövenpick gegaan, daar zaten Bar en de kids nog.
Het weer was inmiddels omgeslagen, dus geen zwemweer meer.
We zijn nog even bij het strand bij ons voor de deur wezen kijken en zijn toen weer naar de camper gegaan.

vrijdag 26 februari 2010

Maandag 8 februari

Vanochtend na het ontbijt ben ik even naar een internetcafé geweest om de blog bij te werken.
Hierna zouden we vertrekken naar Syrië.
Toen ik de stroomkabel los wilde koppelen kon dit niet omdat de eigenaar van de parkeerplaats het rolluik van de ruimte waar we ingeplugd zaten op slot had.
De eigenaar die er normaal altijd was, was in geen velden of wegen te bekennen.
Andere mensen die op het terrein bezig waren wisten ook niet waar hij was.
Na een uur wachten kwam Bar op het briljante idee om iemand te vragen om hem te bellen.
Hij zat in het ziekenhuis en zou met een half uur weer terug zijn.
Dat werd drie kwartier, maar hij was er.
We konden dus bijna twee uur later dan gepland op pad.
Wel irritant want we wilden graag met licht de grens over.
Bij de grens aangekomen was het druk en koud.
Turkije uit ging vrij soepel, maar Syrië in was een ander verhaal.
We moesten visa regelen, een autoverzekering regelen en weer fijn een flinke ($110 per week) dieseltax betalen.
Het was weer een fijn heen en weer krijgen tussen de verschillende loketten en de bank.
Toen al het gedoe voorbij was waren we ruim drie en half uur verder!
Bijna even lang als Iran in.
Het was inmiddels al rond 20:00 dus we zijn in het eerste dorp gestopt waar we een restaurantje tegenkwamen.
Daarna doorgereden naar Aleppo.
Een paar km voor Aleppo was een grote shoppingmall waar we niet op de parkeerplaats mochten staan, maar wel net er buiten bij het hokje van de bewaking.
We konden ook stroom krijgen, dus dat was weer lekker.
We wilden niet ’s avonds laat de stad in om een plekje te gaan zoeken, want als dit niet soepel zou verlopen wordt het snel nachtwerk en we waren al doodmoe van het grensgedoe.
Het enige nadeel was dat we langs de doorgaande weg Aleppo in stonden, dus de hele nacht raasde er druk verkeer.

Dinsdag 9 februari

Om negen uur werd er op de camper geklopt.
We moesten weg van de bewaking.
We zijn toen Aleppo ingereden op zoek naar een plekkie voor een paar dagen.
We zagen geen auto parkings, alleen parkeerplaatsen langs de weg waar je €0,80 per uur moest betalen en natuurlijk geen stroom kon krijgen.
Toen we een soort parking zagen en daar stopten kwamen er meteen een aantal mannen op ons aflopen.
Hier was het ook hetzelfde tarief, dus dat was geen optie.
Er was één man bij die gebaarde dat hij wel wat wist.
Hij was ingestapt en leidde ons na een bijna ruzie met een politie/parkeerwacht een rustige straat in naast de citadel.
We moesten voor een pandje parkeren wat van hem was en daar konden we ook stroom krijgen, super!
Even later werd duidelijk dat hij er ook geld voor wilde, en niet weinig ook, €16 per dag!
Na wat onderhandelen ging de helft er af, dus dat was o.k.
We hadden een superplek, rustig maar wel in het hart van de oude stad met uitzicht op de citadel.
Nadat zo ongeveer de hele buurt de camper had bekeken zijn we op pad gegaan om de citadel te bekijken.
Die was vandaag dicht, toen maar een koranschool bekeken en de souks in.
Die zijn erg mooi hier zowel qua architectuur als qua winkeltjes.
In de eerste souk was een cameraploeg van de TRT (Turkse publieke omroep) aan het filmen.
Ze zochten een authentiek uitziende moslim om te figureren naast een Arabier, logisch dus dat ze blij waren dat ik kwam binnenlopen, ik was precies waar ze naar op zoek waren!?
Je snapt er niks van, een stad vol moslims en de enige niet moslim man moet figureren als authentieke moslim!
Na drie takes konden we weer verder.
Een paar souks later zijn we weer naar de camper gegaan omdat we helemaal sufgeluld waren door de winkeliers (en Zazou).
Ze zijn hier een stuk vasthoudender dan in Turkije en halen alles uit de kast om je wat te kunnen verkopen, is weer even wennen.

Woensdag 10 februari

We zijn begonnen met de citadel, dit is een enorme vesting die op een hoge heuvel gebouwd is.
Van binnen is het een soort ruïne, maar wel een mooie waarbij je je nog goed een voorstelling kun maken van hoe het ooit geweest moet zijn.
Het helpt ook mee dat er een aantal gebouwen gerestaureerd zijn zoals de moskee, de hamam, het paleis, het amfitheater en de troonzaal.
Vanaf de muren heb je een fantastisch uitzicht over de stad.
Hierna zijn we weer de bazaar ingedoken om verder te gaan waar we gebleven waren.
De grote moskee staat tegen de bazaar aan, dus daar zijn we gaan kijken.
Deze was niet bijzonder mooi,
Het was wel raar dat de schoenen al bij de ingang van het complex uit moesten.
Dus de gangen en het binnenplein moet je op sokken doen, dat is niet echt een feest als het buiten een graad of vijf is.
Daarna weer de bazaar in en daar nog een lelijke moskee gezien.
We hebben ook een oude karavanserai bekeken, maar dat was totaal vergane glorie en in tegenstelling tot Turkije wordt er hier ook geen moeite gedaan om het er zo authentiek mogelijk te laten uitzien.
Op de bazaar werd ik veel bekeken, ik dacht dat het door mijn oorbellen kwam, maar het was een andere reden.
Blijkbaar lijk ik erg op een bekende acteur die in een soort soapserie de koning van Egypte is.
Er werd mij gevraagd of ik het was en werd ook door een oude man gekust die dacht dat ik de koning van Egypte was.
Wel een goede promotie van authentieke moslim naar de koning van Egypte!
Daarna even naar een hotelletje in de bazaar die wifi had en daarna weer terug naar de grote moskee omdat daar een goed restaurant naast zat.

Donderdag 11 februari

Vandaag wilden we naar het museum van traditional arts, maar we waren eerst nog “even” de bazaar ingelopen om een tafelkleed te scoren die Bar gisteren gezien had, want op vrijdag is alles dicht.
De verkoper die daar zat was erg aardig en we hebben daar vervolgens bijna drie uur zitten kletsen.
Toen had het niet zo veel zin meer om naar het museum te gaan, want die sloot om twee uur.
We zijn toen wel de nieuwe stad in gegaan om daar wat rond te kijken en om naar de tourist information te gaan om te zien of er iets van een dierentuin in Aleppo zat.
Onderweg kwamen we langs een enorme moskee die we al vanaf de citadel hadden zien liggen.
deze moskee was zo nieuw dat hij nog niet af was, maar je kon al wel goed zien dat dit een heel mooi exemplaar gaat worden.
Daarna langs de tourist information.
Er was geen dierentuin in Aleppo, maar wel twee gezellige dames die Bar lang aan de praat hielden.
Op de terugweg zagen we een leuk restaurantje waar we wat gegeten hebben.

Vrijdag 12 februari

Vandaag wel naar het museum geweest.
Dit zou een erg mooi pand kunnen zijn, maar zoals met veel gebouwen hier, erg vergane glorie.
De collectie liet ook erg te wensen over.
Naast het museum stonden ook een paar kerken op een rij, die hebben we bezocht en vooral de Grieks Orthodoxe kerk was erg mooi.
De kerk hing vol met prachtige oude iconen en de beheerder was een erg aardige man die prima Engels sprak en die veel te vertellen had over de kerk.
Daarna hebben we heerlijk gelunched in het Shariton hotel.
Er zat een fantastisch echt Italiaans restaurant in.
Het was erg lekker om weer eens wat Europees voedsel tot ons te nemen.
Daarna hebben we nog wat in de buurt rondgelopen en wat winkeltjes bekeken.
Wat wel irritant is aan de verkopers hier, is dat alles wat je ziet uit Aleppo komt en verry old is.
Dikke bullshit natuurlijk, want ze verkopen hier veel doosjes van hout en kamelenbot waarvan wij weten dat die in Esfahan (Iran) gemaakt worden.
Als je ze hier op aanspreekt verzinnen ze snel dat het wel Iraans design is, maar in Aleppo gemaakt wordt.
We hebben maar één verkoper getroffen die meteen zei dat het uit Esfahan kwam.
Ik heb ook wel eens gevraagd aan een verkoper hoe oud een bepaald pepervaatje was die hij had staan, natuurlijk was die ongeveer vijftig jaar oud, NOT!,
Dit was eenzelfde pepervaatje die ik een paar jaar geleden zelf ook bij de Xenos gekocht had.
Door dit soort testjes weet je wel snel welke winkel je gelijk weer uit kunt lopen en een verbijsterde verkoper achter kunt laten.
Maar dit maakt je wel erg wantrouwig om iets “authentieks” te kopen.

Zaterdag 13 februari

Vanochtend uit Aleppo vertrokken op weg naar Hama.
Onderweg wilden we een paar dode steden bekijken.
Dit zijn steden die zo’n 1500 jaar geleden verlaten zijn.
De echte reden weet men niet, maar vermoedelijk zijn deze steden destijds verlaten omdat handelsroutes veranderden.
De eerste, Ebla, lag op zo’n dertig km van Aleppo.
Hier was niet veel aan, want er was eigenlijk behalve wat grondplannen niks van over.
Er zijn in Syrië tig van die steden.
We zijn snel doorgereden naar een andere op de route waar volgens de boeken meer van overeind moest staan.
Deze wordt blijkbaar minder bezocht, want er was totaal geen bewegwijzering, dus na tig keer de weg vragen waren we er.
Dat naar de weg vragen is hier ook een uitputtingsslag voor mij, want ik kan op dit gebied bijna niet communiceren met die Arabieren.
Ze gebruiken veel gebaren die ik blijkbaar bijna altijd fout interpreteer, wat bij mij nog wel eens behoorlijk wat irritatie veroorzaakt.
Uiteindelijk waren we er.
Deze was inderdaad veel mooier, want er stond nog een boel overeind, sommige gebouwen zelfs nog helemaal.
De kinderen zijn in ieder geval dol op archeologische sites, want ze kunnen lekker rond rennen en klimmen.
We kwamen hier nog een Ier tegen (met een zeer vermoeiende gids) die in zijn eentje was.
Hij was een half jaar bezig geweest om zijn vrouw of vrienden mee te krijgen naar Syrië, maar niemand durfde.
Erg vreemd, want er is hier absoluut niks aan de hand.
Het is een prettig land om door te reizen vol met aardige mensen.
We zijn hier blijven overnachten voor een lekker rustig nachtje na weer een tijd midden in steden te hebben gestaan.
We stonden hier van God en iedereen verlaten in een prachtig landschap.

Zondag 14 februari

Toen we wakker werden liep er een herder met een grote kudde schapen langs de camper door de dode stad.
Ezra en Zazou hebben hier een hele tijd vanuit ons bed naar liggen kijken en vonden het prachtig.
We zijn verder gereden richting Hama.
Dit is een best wel mooie stad, maar we hadden na drie uur eigenlijk alles gezien wat op ons lijstje stond.
Het was prachtig weer, we hebben voor het eerst sinds maanden lekker zonder jas kunnen lopen, de lente komt!
Dat was mooi, want dan konden we vroeg op weg naar Crac de Chevaliers waar een giga kasteel staat.
Toen we bij de camper kwamen zag bar een plas olie onder de camper liggen.
Ik ben er even onder gekropen en, ja hoor, het was van ons, kut!
Jordy maar even snel gebeld en hij dacht dat het versnellingsbakolie was.
Het was dus verstandig om een garage te zoeken voordat de bak weer in puin lag.
We stonden vlak bij de tourist information dus daar de weg gevraagd naar een garage.
Die gast had mij blijkbaar ook niet helemaal goed begrepen want het adres wat we van hem hadden gekregen was van het busstation!
Gelukkig was daar een man die mij wel begreep en hij regelde een vriend die voor ons uit reed naar de garage.
Dit was een “wijk” met honderden soort van garages.
De wegen zagen hier zwart van de olie en andere zooi, en ons laten ze dieseltax betalen i.v.m. het milieu!
De bak lekte op twee plekken.
Om de ene te kunnen fixen zou de bak eraf moeten en voor de andere plek was een pakking nodig die natuurlijk niet te krijgen was.
Er werd besloten om de boel dicht te kitten.
Laten we hopen dat het houdt!
Ruim twee uur later konden we weer vertrekken.
Rond half tien kwamen we aan bij Crac de Chevaliers na ontiegelijk klimmen, ik moest zelfs een keer terug en in z’n één een aanloop nemen anders kwamen we er niet tegen op.
We hebben de camper vlak bij het kasteel langs de weg gezet om te overnachten, ook weer een lekkere rustige plek het enige wat je hoort is het gieren van de wind.

Maandag 15 februari

Na het ontbijt zijn we het kasteel gaan bezoeken.
Het is echt een heel indrukwekkend bouwwerk, wat nog in een zeer goede staat verkeert.
Het bezoeken van dit soort bouwwerken is in dit soort landen wel altijd een spannende onderneming met twee kids, want er staat werkelijk nergens een hekwerk, dus je kan op het dak van een gebouw staan op tientallen meters van de grond en daar zo vanaf lopen.
Er zijn ook tal van gaten in de grond b.v. omdat er kelders onder zitten, maar daar zit dus ook geen hekje om of een ander soort waarschuwingsbordje o.i.d.
Na het kasteel hebben we absurd uitgebreid gelunched.
In het restaurant was er niks te kiezen, het was zitten en afwachten wat je kreeg.
Maar dit was super! de gerechten pasten niet eens allemaal op de tafel.
En dat voor € 11 voor ons allen!
Daarna wilden we naar Palmyra gaan rijden, maar er lag weer een leuke plas olie onder de camper, dus ik ben er maar onder gekropen om te kijken of ik nog iets kon fixen.
Alles zat onder de olie, dus ik kon niet goed bepalen waar het lek zat, dus ik heb elke bout die ik op de bak kon vinden maar extra aangedraaid in de hoop dat de lekkage minder zou worden.
We zijn toen op pad gegaan de woestijn in.
We waren er rond 20:30.
We hoorden van een jongen daar dat er een camping was.
Ik heb daar even gekeken, het was er wel super rustig.
Er was alleen een Duitse jongen op een motor, maar de camping lag wat verder uit het centrum, dus lastiger voor de boodschapjes en de eigenaar sprak geen woord Engels.
We hebben toen geprobeerd om bij een vier sterren hotel dat echt midden tussen de ruïnes lag te staan op de parkeerplaats.
Na wat onderhandelen over de prijs was het goed en kregen we elektra en water.

Dinsdag 16 februari

We hebben vandaag niet zo veel gedaan, wat in het dorp rondgelopen, de was weggebracht en genoten van het lekkere weer (23 graden met zon!)

Woensdag 17 februari

We zijn eerst naar het museum geweest en daarna hebben we een tocht op kamelen gemaakt.
De kinderen vonden het geweldig.
We zijn eerst door de oase gegaan en toen naar een bedoeïenen dorpje waar we thee hebben gedronken en vervolgens weer terug door de ruïnes.
De tocht duurde ruim vijf uur, en aangezien een kameel een behoorlijk oncomfortabel vervoersmiddel is was ik totaal gebroken van het wijdbeens op de kameel zitten met een rugdrager met Ezra erin.
Bar had ook overal spierpijn, maar het was wel weer een ervaring, maar een volgende keer is twee uur ook voldoende!

Donderdag 18 februari

We hebben in de ochtend nog een paar highlites van de ruïnes bekeken, zoals het amfitheater, de tempel van Bel en de tempel van Baal.
Daarna zijn we richting Damascus gereden.
We hebben de camper in de buurt van een grote shoppingmall geparkeerd in een goede buurt van de stad. (de Mercedissen, en B.M.W. X5 en X6 en andere grote jongens vlogen je om de oren)
We kregen namelijk te horen kregen dat het bijna onmogelijk zou worden om ons gevaarte in de binnenstad kwijt te raken.
We stonden lekker rustig tussen de flats.

Vrijdag 19 februari

Vanochtend eerst even bij de shoppingmall gekeken, maar de winkels waren natuurlijk dicht omdat het vrijdag was.
Daarna een taxi gepakt om het centrum in te gaan.
We werden afgezet bij de souk.
Daar zijn we doorheen gelopen om bij de Umayyad moskee te gaan kijken.
Dit is een super mooie en super grote moskee met veel prachtige mozaïeken die heel belangrijk is voor pelgrims omdat Johannes de doper hier ligt en het hoofd van Imam Hoessein.
Bovendien is dit de plek waar Jezus verwacht wordt als hij weer op aarde terugkomt.
Daarna kwamen we langs een oud huis dat ooit prachtig geweest moet zijn, aan de muurschilderingen en plafonds te zien, maar wat nu bijna op instorten stond.
Sommige kamers durfden we niet in omdat het plafond al half naar beneden hing.
Tegenover het huis lag de graftombe van Saladin, een grote Arabische strijder.
Vervolgens zijn we naar de Sayyida Rugayya moskee geweest.
Dit is ook een belangrijke Sjiitische pelgrim plek omdat hier de dochter van Imam Hoessein begraven ligt.
Echt even terug in Iran de Moskee was een waar spiegelpaleis, erg mooi en net als in Iran veel huilende mensen en zingende mannen die zichzelf naarmate het lied aanzwelt zichzelf steeds harder gaan slaan als uiting van hun verdriet om de dood van Imam Hoessein.


Zaterdag 20 februari

Om 12:00 opgepikt door de driver van de olieman om naar een garage te rijden.
Na een half uur waren we bij een kleine garage die er mee bezig ging.
De lijm die de garage in Hama had gebruikt was niet de juiste want hij kon niet tegen hitte, erg handig als je er een versnellingsbak mee dicht probeert te kitten!
Hier werd het werk zorgvuldiger aangepakt het werd dan ook uitgevoerd door de eigenaar met hulp van een twaalf jarig jongentje i.p.v. andersom zoals in Hama.
Het klusje was met een uur of vier geklaard en gelukkig goedkoop maar 35 Euro.
Voor ons een relaxed dagje, kinderen lekker spelen in het buurtje en wij een beetje meekijken naar de reparatie en af en toe wat lezen. Weer een staaltje Syrische gastvrijheid, als het lunchtijd is regelen ze een complete lunch en je mag er niets voor betalen zelfs je blikjes drinken mag je niet betalen.
Het relaxte van het dagje niksen kwam al snel tot een eind toen we Zazou hoorden gillen dat Ezra overreden was. (Ze speelde met verschillende kinderen met een bal in een straat zonder verkeer) Mijn hart stopte met kloppen en ik (B) was binnen een seconde op de plek des onheils.
Meestal is het een zegen om zoveel fantasie te hebben maar op zo’n moment is het vreselijk, ik had hem al bloedend en al onder zo’n mini truckje zien liggen.
Maar godzijdank was het in het echt een ander verhaal! Een klein jongetje met een fiets had hem aangereden.
Alles viel gelukkig erg mee.
Hij huilde nog geen minuut en ging vervolgens weer lekker voetballen maar niet meer uit het zicht al is het maar om een hoekje.
Maar naar een minuut of tien zat bij mij de schrik er nog zo in dat hij weer lekker in de camper ging, vast in zijn stoeltje.
Ze hebben er ook nog een nieuwe voorruit in kunnen zetten, zelfs een originele en dat voor 100 dollar.
In Nederland koste een ruit voor de Kia alleen al 600 Euro.

Zondag 21 februari

Er klopte vanochtend een man tegen de camper, en toen we open deden stond hij daar met een tas vol handdoeken en badlakens.
Welkome to our neigbourhood was de mededeling en toen verdween hij weer.
Dit is ook typisch Syrië, super gastvrij.
We staan hier alleen maar geparkeerd, we komen hier niet wonen, maar toch een warm welkom.
Eerst langs het circus gereden om kaartjes te halen voor de avond.
We zagen het een paar dagen geleden staan en omdat er voor de kids niet zo veel bijzonders te doen is, hadden we besloten te gaan.
Normaal zijn we geen fan van het circus omdat we er niet van houden dat de dieren bijna geen bewegingsruimte hebben.
Daarna zijn we op pad gegaan om een aantal oude Damascus huizen te gaan bekijken.
Dit viel aardig tegen want ze waren in zeer slechte staat en werden vaak nog “bewoond” waardoor je de meeste kamers niet in kon.
Dit was een beetje frustrerend omdat je vaak door de ramen kon zien dat het helemaal niet in gebruik was omdat alles onder een dikke laag stof zat.
Er waren er ook een aantal in de renovatie omdat ze werden omgebouwd tot hotel waardoor je er niet in kon of de boel stond in de steigers.
Daarna hebben we gelunched in een restaurant waar de president vaak zijn gasten mee naar toe neemt.
Je zou dus denken dat dit een peperduur restaurant is, maar we hebben daar voor nog geen € 15 onze buik vol gegeten.
Daarna wilden we nog naar een museum, maar dit ging net dicht, dus hebben we nog wat in de buurt rondgescharreld.
Toen naar het circus.
Het was een Italiaans circus en de voorstelling was erg leuk.
Vooral de kids vonden het fantastisch, zelfs Ezra heeft twee uur ademloos zitten kijken.
Het hoogtepunt was wel dat vijf gasten op motoren met z’n allen in een bal/kooi met een diameter van een maar meter of vier door elkaar heen reden met een rotsnelheid.

Maandag 22 februari

Na een stormachtige nacht waarin we vaker het gevoel hadden dat we in een boot sliepen dan in een camper zijn we naar het nationaal museum gegaan.
Dit was zoals zo veel hier slecht gedisplayed en al decennia niet afgestoft.
De collectie was zeer wisselend.
Daarna naar de handycraft market die naast het museum begon.
Dit was in tegenstelling tot de souk een rustige markt zonder pushy verkopers.
Ze hadden ook erg mooie spullen die veelal ter plekke werden gemaakt.
Je begrijpt dat we hier niet met lege handen weg zijn gelopen, wel met een lege portemonnee.

Dinsdag 23 februari

We zijn verder gegaan op de handycraft market waar we gisteren geëindigd waren.
Hier zijn we het grootste deel van de dag zoet mee geweest.
Daarna zijn we nog naar het oude, niet meer in gebruik zijnde, station gelopen.
We hebben gegeten in een goed aangeschreven “Frans” restaurant, maar hier was afgezien van de croissants niks Frans te vinden en het eten en de service waren beroerd.

Woensdag 24 februari

Vandaag naar de Joodse en christelijke wijken.
Eerst weer een oud huis bezocht, maar weer hetzelfde verhaal; in verregaande staat van ontbinding en je kon nergens in.
De straten hier zaten vol met antiek winkels (met bijbehorende prijzen) met prachtige spullen.
Één winkel was een waar museum.
Het leek een klein winkeltje toen we er voor stonden, maar de ruimtes bleven elkaar maar opvolgen en het was twee verdiepingen hoog.
De man had in twintig jaar tijd een collectie verzameld van Europees en Arabisch antiek waar je met gemak een paar musea mee kon vullen.
De eerste ruimten, die tot de winkel behoorden, waren mooi gedisplayed en in de overige ruimten stonden de spullen opgestapeld en in rijen tegen de muren.
Na van een heleboel spullen een onbetaalbare prijs te horen te hebben gekregen, b.v. een mooi bed voor slechts € 100.000, kwamen we een mooi ingelegd hoekkastje tegen die maar twintig jaar oud was en waar hij van af wilde omdat het geen antiek was.
We zijn dus toch maar weer voor de bijl gegaan, geen idee waar we het ding kwijt kunnen in ons huis.
Voorlopig gaat hij op het dak van de camper.
Daarna naar het Dada paleis, weer een oud huis.
Hier woonde een zeer neurotische en pusherige dame die ons zo snel mogelijk in een aftandse ruimte wilde krijgen waar ze spulletjes had staan voor de verkoop.
We mochten bijna geen foto nemen omdat ze bang was dat we het in een tijdschrift o.i.d. zouden publiceren.
Als de Syrische overheid hier lucht van zou krijgen konden ze haar “paleis” afpakken omdat het in zo’n slechte staat was.
De overheid zou het dan gaan restaureren.
Hier zou het dan ook niet veel beter van worden, want we spraken een Brit, die in één van de oude huizen aan het werk was om er een hotel van te maken, dat de professionele restaurateurs hier werkelijk geen flauw benul hebben van waar ze mee bezig zijn.
Hij liet ons zien dat ze met haakse slijpers te werk gingen om de muren een ruig uiterlijk te geven, terwijl de muren origineel super glad waren.
Wij dachten hetzelfde als de Syrische profs, want we kwamen in gesprek met deze man omdat er mannen bezig waren de muren super glad te maken.
Hij kon ons echter overtuigen door voorbeelden op de oude muren aan te wijzen dat hij het wel degelijk bij het rechte eind had.
Daarna hebben we nog een Armeens orthodoxe kerk bezocht, deze was heel groot en wit van binnen met veel iconen.
Daarna het hoekkastje opgehaald en terug naar de camper.

Donderdag 25 februari

Vandaag begonnen met het Assam Palace, het museum wat eergisteren dicht was.
Dit is een door de overheid gerestaureerd oud huis wat op de authentieke manier is ingericht.
De staat van dit huis is wel het beste tot nu toe, maar laat nog steeds veel te wensen over.
Het was er onbenullig druk, maar dit kwam omdat het vandaag de verjaardag van Mohammed was, dus voor veel mensen een vrije dag.
Na de lunch hebben we nog een beetje over een souk gelopen, maar we waren eigenlijk wel klaar met Damascus, dus we zijn vroeg terug gegaan naar de shoppingmall bij de camper om daar met de kids nog even naar het amusementscentrum te gaan voor wat speelplezier.

Vrijdag 26 februari

Vandaag naar Bosra gereden om het best bewaarde amfitheater ter wereld te bekijken.
Het regende als een gek, maar het was gelukkig even droog toen we het theater gingen bezichtigen.
Het theater ziet er inderdaad nog erg goed uit en er is een groot contrast tussen het podium en de zitplaatsen.
De zitplaatsen zijn van een zwarte steen en het podium van zandsteen.
Er was in Bosra nog wel meer ouds te bekijken, maar het begon weer hard te regenen, dus hebben we besloten om richting Jordanië te gaan.
Bij de grens verliep het voor de verandering eens een keer vlot (twee uur) en de mensen spraken ook goed Engels, wat ook veel tijd en ergernis scheelt.
We zijn meteen doorgereden naar Ja…. Want daar zijn meer oude stenen, maar in een goede conditie.
We hebben een plek gevonden bij een hotel hoog op een berg, de weg was zo stijl dat we een paar keer terug moesten naar een vlakker deel om een aanloop te nemen in z’n eerste versnelling omdat de camper het niet trok.
We kwamen er al snel achter dat dit een veel duurder land is dan Syrië, want de dinar is gelijk aan de Euro, een nachtje bij dit hotel staan kost ons al € 17 !
We waren te moe en wilden niet meer verder op zoek naar een andere plek waarvan we niet zeker wisten of we wel stroom konden krijgen.
Het was erg koud hier, dus we vonden het voor deze keer wel best.